De oppas is gevonden, en dan blijkt de hond er nog een mening over te hebben. Wennen is geen kwestie van karakter maar van opbouw, en die opbouw kun je plannen.
Je laat een hond in stappen wennen aan een oppas, en je begint eerder dan je denkt nodig te hebben. Reken op twee tot vier weken voor een gemiddelde hond: eerst een kennismaking bij jou thuis terwijl jij erbij blijft, dan samen een rondje lopen, dan een half uur waarin de oppas alleen met je hond is, dan een paar uur, en pas daarna een hele dag of een nacht. Je gaat door naar de volgende stap zodra je hond de vorige ontspannen doorkomt, en je gaat een stap terug zodra hij blijft hijgen, janken of niet eet. Wat het meest uitmaakt is niet de techniek maar de herhaling: dezelfde persoon, hetzelfde rondje, dezelfde commando's en dezelfde regels als bij jou thuis. Een hond die iemand drie keer rustig heeft meegemaakt, ziet bij de vierde keer geen vreemde meer.
De stappen zijn een richtlijn, geen schema dat je moet afwerken. Een sociale hond die overal makkelijk went slaat stap 3 soms vanzelf over, en een onzekere hond heeft stap 1 drie keer nodig voordat stap 2 zin heeft. De volgorde doet het werk: elke stap voegt precies één nieuw ding toe, zodat je hond niet alles tegelijk hoeft te verwerken.
Spreek de stappen vooraf samen af, inclusief wie wanneer komt. Een oppas die begrijpt dat de eerste keren vooral kennismaken zijn, komt anders binnen dan iemand die denkt dat hij meteen de zorg overneemt.
| Stap | Wat je doet | Door naar de volgende stap als |
|---|---|---|
| 1. Kennismaking bij jou thuis | Een uur praten met de oppas terwijl je hond erbij is en zelf bepaalt of hij contact zoekt | Je hond gaat op een gegeven moment gewoon liggen |
| 2. Samen een rondje | Jullie lopen met elkaar het vaste rondje, de oppas houdt de lijn vast | Je hond loopt hetzelfde als met jou alleen |
| 3. Een half uur alleen | Jij gaat de deur uit, de oppas blijft met je hond in huis | Je hond is bij thuiskomst rustig en heeft gedronken |
| 4. Een paar uur | Een middag met een wandeling en een voermoment erin | Je hond eet normaal en slaapt tussendoor |
| 5. Een hele dag of een nacht | De eerste echte oppasbeurt, op de plek waar het later ook gebeurt | Je hond is de dag erna zijn gewone zelf |
Twee tot vier weken is gebruikelijk voor een volwassen hond die al eerder andere mensen in huis heeft gehad. Begin daarom ruim voor het moment dat je de oppas echt nodig hebt: zes weken voor een vakantie geeft lucht, en als het sneller went heb je alleen maar een paar extra ontspannen wandelingen gehad.
Langer duurt het bij een pup, bij een herplaatste hond die nog aan jou went, bij een oudere hond die slecht ziet of hoort, en bij een hond met scheidingsangst. Bij een pup komt er bovendien iets bij: hij went razendsnel aan mensen, maar kan nog niet lang alleen zijn met iemand anders, dus blijf bij korte bezoeken tot hij er fysiek aan toe is.
Wat de doorlooptijd het meest bepaalt is niet de hond maar de frequentie. Twee bezoeken per week brengen je er in een maand; één bezoek per maand brengt je er nooit, omdat je hond tussen de keren vergeet wie er binnenkomt.
Een hond went sneller als er voor hem weinig verandert. Alles wat je doorgeeft is iets wat de oppas niet hoeft te raden, en dus iets wat voor je hond hetzelfde blijft.
Wennen gaat goed als je hond bij de oppas hetzelfde doet als bij jou: gapen, strekken, drinken, ergens gaan liggen en in slaap vallen. Eten is het duidelijkste teken, want een hond die zich niet veilig voelt laat zijn bak staan. Ook spelen is een goed signaal: een gespannen hond speelt niet.
En het gaat te snel als je hond blijft hijgen zonder dat het warm is of hij heeft gelopen, blijft janken of ijsberen, kwijlt, niet eet of niet drinkt, of onzindelijk is in huis. Eén zo'n signaal op een eerste bezoek is normaal. Blijven ze staan, dan zegt dat niets over je hond of over de oppas: het zegt dat de vorige stap nog een keer moet.
Vraag de oppas na elke keer hoe het ging en wat je hond deed, niet of het leuk was. "Hij heeft na een kwartier geslapen" is informatie; "het ging goed" is dat niet.
Een paar dingen voelen logisch en maken het wennen juist langer. Het alternatief ernaast is in alle gevallen simpeler.
Bij een pension of dagopvang kun je de stappen niet op dezelfde manier doseren, want je hond moet wennen aan een plek, aan onbekende honden en aan andere mensen tegelijk. De opbouw zit daar in de duur: eerst een halve dag, dan een hele dag, dan één proefnacht, en pas daarna de week dat je echt weg bent.
Kijk bij een proefnacht niet alleen naar hoe je hond bij het ophalen is, maar vooral naar de dag erna. Een hond die thuis bijkomt en weer gewoon eet en slaapt, heeft het goed doorstaan. Welke vorm van opvang bij jouw hond past staat op de pagina over hondenoppas of hondenpension, en wat een pension vraagt van een onzekere hond op de pagina over of een hondenpension zielig is.
Soms wil het niet lukken, en dan is er iets anders aan de hand dan een oppas die nog onbekend is. Bij scheidingsangst gaat het niet om de persoon die komt maar om het wegvallen van jou, en dan werkt meer oppasbezoek niet: dat vraagt een eigen opbouw en meestal een dierenarts of gedragsdeskundige erbij. Hoe je dat aanpakt staat op de pagina over scheidingsangst bij je hond.
Blijft je hond het moeilijk vinden dat er iemand anders in huis is, dan zijn er vormen van zorg die minder van hem vragen. Een oppas die bij jou thuis blijft slapen houdt zijn omgeving intact. Een uitlaatservice neemt alleen de wandeling over, zonder dat er iemand uren in huis is. En soms is je hond meenemen rustiger dan welke opvang ook, afhankelijk van de reis.
Een eerlijke uitkomst is ook: deze oppas past niet bij deze hond. Dat ligt zelden aan een van de twee. Iemand die rustig is en traag beweegt werkt beter voor een onzekere hond, en iemand die veel energie heeft past beter bij een jonge hond die graag lang loopt.
Alles in dit wenproces leunt op één ding: herhaling met dezelfde persoon. Dat is ook precies wat moeilijk te organiseren is. Een pension wisselt van verzorger, een uitlaatservice stuurt wie er die dag loopt, en bij een oppas per boeking begin je bij elke vakantie weer bij stap 1. Het wennen is dan elke keer werk in plaats van iets wat je één keer opbouwt.
Daar is Co Pet Parent voor gemaakt. Het is geen oppasmarktplaats maar een plek om de kleine vertrouwde kring rondom je hond uit te breiden met één vaste hondenliefhebber uit je eigen buurt: iemand die zelf geen hond heeft maar er graag tijd mee doorbrengt. Je maakt gratis een profiel aan, filtert op afstand en ziet wie er bij jou in de buurt woont. Het gesprek loopt via het platform, en je stuurt zelf het eerste bericht.
De opbouw die hierboven staat is daarna precies wat je samen doet, alleen eindigt die niet bij een geslaagde vakantie. Je blijft eigenaar en houdt de regie, en de persoon die je hond heeft leren kennen is er volgende maand ook nog. Een lidmaatschap kost €79 per jaar voor baasjes en €39 per jaar voor hondenliefhebbers, en aanmelden en rondkijken is gratis. Er is geen tarief per wandeling of per nacht, want wat jullie samen afspreken zit daarbij inbegrepen.
Het kost wel tijd aan de voorkant. Eerst een paar berichten, dan een kennismaking, dan de stappen hierboven. Vertrek je volgende week, dan is dit niet de oplossing voor deze reis: regel dan een pension of een oppas per boeking, en bouw dit op voor de keer daarna.
Voor een volwassen hond die al eerder andere mensen in huis heeft gehad is twee tot vier weken gebruikelijk, bij twee bezoeken per week. Bij een pup, een herplaatste hond, een oudere hond of een hond met scheidingsangst duurt het langer. De frequentie bepaalt het tempo meer dan de hond: met één bezoek per maand went hij niet, omdat hij tussen de keren vergeet wie er binnenkomt.
Reken op vier tot zes keer voordat een hond iemand als bekend behandelt, en plan die keren dicht op elkaar: twee per week werkt beter dan zes keer verspreid over een half jaar. Begin met een uur waarin jij erbij blijft, en breid pas uit zodra je hond in het gezelschap van de oppas gewoon gaat liggen.
Een pup went snel aan mensen, dus het knelpunt is niet de kennismaking maar het alleen zijn. Houd het bij korte bezoeken van een half uur tot een uur waarin de oppas er is terwijl jij ook thuis bent, en breid uit in het tempo waarin je pup kan wachten: ongeveer zijn leeftijd in maanden plus een uur, met ongeveer vier uur als bovengrens. Laat de oppas dezelfde commando's en dezelfde zindelijkheidsroutine gebruiken als jij.
Janken van een paar minuten dat overgaat zodra je weg bent hoort bij wennen. Janken dat aanhoudt, met hijgen, ijsberen of kwijlen erbij, is een teken dat de stap te groot was: ga terug naar de vorige stap en bouw opnieuw op. Blijft het ook bij korte afwezigheid zonder oppas gebeuren, dan gaat het eerder om scheidingsangst dan om een onbekende oppas, en dan is je dierenarts of een gedragsdeskundige de volgende stap.
Begin ongeveer zes weken van tevoren. Dan heb je ruimte voor de kennismaking, vier tot zes bezoeken en een proefdag of proefnacht, en houd je nog een week over als een stap nog een keer moet. Went je hond sneller, dan heb je er alleen een paar ontspannen wandelingen bij gehad.
Ja, bij de eerste keer wel. Je hond leest aan jou af of de bezoeker erbij hoort, en jij ziet hoe de oppas met hem omgaat. Laat je hond zelf bepalen of hij contact zoekt. Vanaf de derde of vierde keer is het juist nuttig om kort de deur uit te gaan, zodat je hond merkt dat jij weggaat en terugkomt terwijl er iemand bij hem blijft.
Zoek je iemand uit je eigen buurt die je hond leert kennen?
Aanmelden →