De richtlijnen verschillen per leeftijd en per hond. Wat vooral telt is niet het aantal uren op zich, maar of je hond die uren rustig doorkomt.
Een gezonde volwassen hond kan doorgaans vier tot zes uur alleen thuis zijn, en bij uitzondering iets langer. Acht uur of meer, elke werkdag opnieuw, is voor vrijwel geen enkele hond een goed ritme. Voor een pup geldt als vuistregel de leeftijd in maanden plus een uur, met ongeveer vier uur als bovengrens: een pup van drie maanden dus zo een vier uur. Oudere honden en honden met een medische aandoening moeten vaker naar buiten.
Dit zijn richtlijnen, geen wetten. Een rustige hond van acht die zijn eigen plek heeft, doet zes uur makkelijker dan een jonge herder die zich verveelt. Overleg bij twijfel of bij een medische aandoening met je dierenarts.
| Leeftijd | Vuistregel alleen thuis | Waar het om draait |
|---|---|---|
| Pup tot 6 maanden | Leeftijd in maanden plus 1 uur, max ongeveer 4 uur | Blaascontrole en socialisatie |
| Jonge hond 6 tot 18 maanden | 3 tot 5 uur | Energie kwijt kunnen |
| Volwassen hond | 4 tot 6 uur | Rust en een vast ritme |
| Senior | 3 tot 5 uur | Vaker naar buiten, minder lang stil liggen |
Een camera geeft hier snel duidelijkheid. Veel baasjes denken dat hun hond de hele dag slaapt en zien dan dat het eerste half uur onrustig is. Aanhoudende stress bij alleen zijn is scheidingsangst, en dat is iets om met een dierenarts of gedragsdeskundige aan te pakken, niet iets dat vanzelf overgaat.
Een werkdag van acht of negen uur plus reistijd past niet in de richtlijnen hierboven. Daar is niets mis mee, zolang er iemand tussendoor komt. De gangbare oplossingen zijn een hondenuitlater, dagopvang, of iemand uit je buurt die er sowieso is.
Het verschil zit vooral in de herhaling. Een uitlater die per keer rekent kost bij vijf dagen per week al snel enkele duizenden euro's per jaar, en de hond ziet vaak een wisselende persoon. Iemand uit je eigen buurt die je hond echt leert kennen loopt hetzelfde rondje, kent de gewoontes en blijft dezelfde.
Incidenteel komt een gezonde volwassen hond acht uur wel door, maar als vast ritme is het te lang. De meeste richtlijnen houden vier tot zes uur aan. Werk je fulltime, dan is iemand die er halverwege de dag is de gebruikelijke oplossing.
De vuistregel is de leeftijd in maanden plus een uur, met ongeveer vier uur als bovengrens. Een pup van twee maanden dus zo een drie uur, en dat bouw je rustig op. Een pup die nog niet zindelijk is heeft daarnaast vaker een toiletmoment nodig.
Honden slapen veel, vaak twaalf tot zestien uur per etmaal, dus veel slapen is op zichzelf geen zorgsignaal. Het gaat om wat er in de wakkere uren gebeurt: genoeg beweging, genoeg prikkels en genoeg contact. Een hond die slaapt omdat er niets anders te doen is, is iets anders dan een hond die uitrust.
Soms, maar lang niet altijd. Bij echte scheidingsangst is de band met de persoon het probleem, en dan lost een tweede hond het niet op. Bovendien verdubbel je de zorg en de kosten. Een vaste tweede persoon voor dezelfde hond is meestal de kleinere stap.
Zoek je iemand uit je eigen buurt die je hond leert kennen?
Aanmelden →